Klachtenregeling Huisartsenzorg Zuid-Nederland
Benoeming en samenstelling van de Klachtencommissie
Artikel 6
- lid 1 - De Klachtencommissie bestaat uit minimaal drie en maximaal vijf leden, waaronder een onafhankelijk voorzitter, welke allen worden benoemd door het bestuur van de Stichting.
- lid 2 - De helft van het aantal leden, uitgezonderd de voorzitter, wordt voorgedragen door de patiëntenplatforms in Zuid-Nederland en de andere helft door de Huisartsenkringen in Zuid-Nederland. De voorzitter wordt benoemd in samenspraak met en op voordracht van de leden van de Klachtencommissie.
- lid 3 - De leden van de Klachtencommissie worden betrokken bij de procedure voor de benoeming van nieuwe leden.
- lid 4 - Het bestuur van de Stichting stelt, in overleg met de Klachtencommissie een profielschets op die dient als basis voor de hele procedure van selectie van leden van de Klachtencommissie.
- lid 5 - De leden van de Klachtencommissie worden door het bestuur van de Stichting benoemd voor een periode van drie jaar. Zij zijn eenmaal herbenoembaar. De Klachtencommissie stelt een rooster van aftreden op.
- lid 6 - De leden in de Klachtencommissie participeren op persoonlijke titel, dat wil zeggen zonder last of ruggespraak met degenen die hen hebben voorgedragen.
- lid 7 - Personen die werkzaam zijn voor een patiëntenplatform of een bureau van een Huisartsenkring zijn niet benoembaar als lid van de Klachtencommissie.
- lid 8 - De (plaatsvervangende) huisartsleden komen bij voorkeur niet uit dezelfde Huisartsenkring en zijn bij voorkeur praktiserend huisarts.
- lid 9 - Naast elk lid wordt een plaatsvervangend lid benoemd op voordracht van de organisatie die het lid heeft voorgedragen. In geval het lid huisarts is, dient het plaatsvervangend lid afkomstig te zijn uit een andere huisartsengroep. Voor de voorzitter wordt een plaatsvervanger benoemd door het bestuur van de Stichting, op voordracht van de Klachtencommissie.
- lid 10 - Een (plaatsvervangend) lid van de Klachtencommissie, met inbegrip van de (plaatsvervangend) voorzitter kan vrijwillig terugtreden.
- lid 11 - Het bestuur van de Stichting kan een (plaatsvervangend) lid van de Klachtencommissie (met inbegrip van de (plaatsvervangend) voorzitter) van zijn of haar functie ontheffen indien dit lid, naar de mening van het bestuur en de andere leden van de Klachtencommissie gezamenlijk, onvoldoende functioneert en in dit functioneren geen verbetering is te verwachten.
- lid 12 - De leden van de Klachtencommissie ontvangen een onkostenvergoeding vastgesteld door het bestuur.
- lid 13 - Het bestuur van de Stichting benoemt ten behoeve van de werkzaamheden van de Klachtencommissie een ambtelijk secretaris en draagt zorg voor voldoende administratieve ondersteuning. « Vorige | Volgende »
