Samenvatting Jaarverslag
Reacties en opmerkingen huisartsen
Naar aanleiding van de trajecten telefonische bemiddeling en bemiddelingsgesprekken hebben de huisartsen als volgt naar klager en klachtenfunctionaris gereageerd.
- De echtgenote van een klager was bij huisarts geweest omdat ze dikke benen had. De huisarts schreef haar plasmiddelen voor. Drie weken later werd bij patiënte een longembolie en trombose geconstateerd. De huisarts gaf aan dat hij lering heeft getrokken uit het gebeurde en in voorkomende gevallen zeker eerder nader onderzoek zal verrichten.
- Een klaagster had geen oproep gekregen voor de vaccinatie tegen de Mexicaanse griep. Meerdere malen had ze daarover de huisarts opgebeld maar de telefoon van de praktijk was altijd in gesprek. De huisarts heeft de automatisering met betrekking tot vaccinaties verbeterd. Tevens heeft hij extra assistentie aangenomen waardoor de bereikbaarheid van de praktijk werd verbeterd.
- Een huisarts nam maatregelen nadat een patiënte was gevaccineerd met een gebruikte griepspuit. Er wordt voortaan eerst gecontroleerd of een naaldcontainer aanwezig is. Iedere injectienaald moet na vaccinatie direct daarin verdwijnen. Het protocol ‘injecteren’ kreeg extra aandacht en de casus werd ingebracht in de maatschapsvergadering evenals in de vergadering van de assistentes. Patiënte zelf stond voorlopig onder controle.
- Een klaagster ging met haar zoontje, dat veel pijn had, zonder afspraak naar de huisartsenpost. Toen ze daar niet werd geholpen ging ze naar de spoedpost die haar terugstuurde naar de huisartsenpost. De assistente adviseerde klaagster om de volgende dag contact op te nemen met de eigen huisarts. De leidinggevende van de assistente heeft met de assistente besproken dat een huisarts het kind had moeten onderzoeken toen het voor de tweede keer op de huisartsenpost kwam.
- Een huisarts keurde het af dat de assistente het gedrag van klaagster had besproken met een arts-in-opleiding en hij heeft de assistente daarop aangesproken.
- Een huisarts die een patiënt in aanwezigheid van andere patiënten, op de gang over zijn medische zaken had aangesproken, bood daarvoor zijn excuses aan en gaf aan dat dit hem niet meer zou gebeuren.
- Een klaagster werd onvriendelijk bejegend door de assistente omdat ze vragen die de assistente haar stelde, liever met de huisarts zelf wilde bespreken. De huisarts heeft het gedrag van de assistente met zijn collega-huisartsen besproken en de praktijkmanager heeft een gesprek gevoerd met de assistente.
- De dienstdoende huisarts van de huisartsenpost kon klaagster, die aan een fietspad woont, niet bereiken omdat het navigatiesysteem in de dienstauto was verouderd. Inmiddels heeft de huisartsenpost dit gemoderniseerd en in de computer op de huisartsenpost bij de naam van klaagster is nu aangegeven op welke wijze het huis te bereiken is.
- Nadat klager pijn had aan zijn rib na een jiu jitsu training adviseerde de huisarts hem dat hij op geleide door kon gaan met trainen. Na enige tijd bleek in het ziekenhuis dat de rib was gebroken en dat de delen over elkaar waren geschoven. De huisarts zal in het vervolg het advies beter afstemmen op de sport die wordt beoefend. Tevens heeft hij deze casus met zijn collega’s besproken.
- Een huisarts die geen contact op had genomen met klager, ondanks herhaaldelijk aandringen, en die verzuimd had medische gegevens naar de specialist op te sturen, waardoor klagers medische behandeling ernstig werd vertraagd, heeft haar gedrag besproken in een intervisiegroep, waarin huisartsen en een psycholoog zitting hebben. De casus werd daarna besproken tijdens het reguliere overleg in het medisch centrum. Tevens heeft de huisarts een plan opgesteld om haar gedrag te verbeteren.
- Een huisarts heeft een klaagster laten weten dat hij op formulieren betreffende haar arbeidsgeschiktheid niet had mogen invullen dat ze in staat was om een aantal uren per week te werken terwijl ze voor 80 tot 100% was afgekeurd door de W.I.A. instanties. De huisarts heeft dit gecorrigeerd.
- Een klager was zo boos omdat, ondanks zijn dringende verzoek, niet de aangeklaagde huisarts maar de manager van de huisartsenpost op zijn klacht reageerde dat hij daarom besloot om zijn klacht voor te leggen aan het Regionaal Tuchtcollege.
- Een klaagster die op de grens van de regio’s van twee huisartsenposten woonde, kwam op de voor haar ‘verkeerde’ huisartsenpost terecht. Hierdoor werd zij als passant beschouwd waardoor er geen informatie naar klaagsters eigen huisarts werd gestuurd. De dienstdoende huisarts besprak de klacht op de huisartsenpost teneinde een herhaling te voorkomen.
- Een huisartsenpost reageerde – ondanks herhaald aandringen van klager- zo laat en onvolledig op de klacht dat klager geen gesprek meer wenste met de betreffende huisartsenpost en besloot om de klacht ter beoordeling voor te leggen aan de Klachtencommissie.
- Een huisarts was achteraf van mening dat hij veel sneller op de klacht had moeten reageren zodat escalatie voorkomen had kunnen worden.
